Waarom doen we dit?
Preventieve logopedie wordt ingezet voor het voorkomen en beperken van spraak- en taalachterstanden door:
- het tijdig signaleren en begeleiden van kinderen naar het juiste vervolgtraject;
- het geven van voorlichting en adviezen aan ouders en aan professionals die met kinderen werken.
De doelgroep bestaat uit kinderen met een risico op spraak- en taalstoornissen die wonen of naar school gaan binnen het werkgebied van de GGD, hun ouders en de professionals die met hen werken.
Maatschappelijke relevantie
Preventieve logopedie zorgt ervoor dat minder kinderen een spraak- en taalachterstand hebben bij de start van het basisonderwijs. Dit vergroot de kans op een succesvolle schoolloopbaan en helpt laaggeletterdheid tegen te gaan. Een tijdige signalering en een adequaat vervolgtraject kan leiden tot kostenbesparing, doordat uitstroom naar speciaal onderwijs, voortijdige schooluitval en gedragsproblemen worden verminderd of voorkomen.
Wat doet de GGD?
De taalontwikkeling van kinderen van 0 tot 4 jaar wordt beoordeeld op het consultatiebureau door de arts of verpleegkundige. Wanneer er aanleiding toe is, of wanneer het om een vve-kind* gaat, voert de logopedist aanvullend onderzoek uit tijdens een consult. Ouders ontvangen adviezen en voorlichting om de taalontwikkeling van hun kind te stimuleren. Indien nodig verwijst de logopedist door voor uitgebreider onderzoek of behandeling. Kinderen vanaf 4 jaar worden door de logopedist gescreend op verzoek van ouders en/of de leerkracht. Waar nodig krijgen ouders en leerkrachten advies, of wordt een passend vervolgtraject ingezet.
*Vve: voor- en vroegschoolse educatie
Met wie?
Disciplines binnen de GGD
Logopedist, arts en verpleegkundige
Samenwerkingspartners
De GGD werkt nauw samen met:
Regionale partners: voorschoolse voorzieningen (peutergroep en kinderdagverblijven), scholen, Adelante, Kentalis en de Mutsaersstichting
Risico's
Een minder goede ontwikkeling en daarmee niet kunnen participeren in de maatschappij door taal- en opleidingstekorten. Dit kan zorgen voor minder kansen op de arbeidsmarkt, meer en zwaardere curatieve zorg en hogere kosten door bijvoorbeeld uitstroom naar speciaal onderwijs en/of voortijdige schooluitval.